Theorie
Ecologische systeemtheorie
Menselijke ontwikkeling begrijpen vanuit de samenhang tussen persoon, leefomgevingen en de verbindingen daartussen. Bronfenbrenner helpt zichtbaar maken waarom thuis, school en maatschappelijke omstandigheden gezamenlijk van betekenis zijn.
Onderdelen van dit artikel
Verken de samenhang
Theorie in beeld
Klik een begrip of hulpmiddel open voor uitleg en verdieping. De kolommen ordenen kennis; alleen benoemde verbindingen leggen een relatie.
Theorie
Ecologische systeemtheorieMenselijke ontwikkeling begrijpen vanuit de samenhang tussen persoon, leefomgevingen en de verbindingen daartussen. Bronfenbrenner helpt zichtbaar maken waarom thuis, school en maatschappelijke omstandigheden gezamenlijk van betekenis zijn.
Lees de theorie →Kernconcepten & modellen
Microsysteem+
Situaties waarin de persoon zelf deelneemt, met activiteiten, rollen en relaties. Bijvoorbeeld thuis, de klas of een sportgroep.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Mesosysteem+
De onderlinge relaties tussen directe leefomgevingen. Bijvoorbeeld afstemming of spanning tussen ouders en school.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Exosysteem+
Omgevingen waarin de persoon niet zelf deelneemt, maar die diens dagelijkse context beïnvloeden. Bijvoorbeeld besluiten op het werk van een ouder.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Macrosysteem+
Overkoepelende culturele en maatschappelijke patronen waarbinnen andere contexten functioneren.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Tijd en levensloop+
Overgangen veranderen de verhouding tussen persoon en omgeving. Een verhuizing kan tegelijk relaties, school en routines veranderen.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Ecologische systeemindeling+
Omgevingen en hun verbindingen; de tijdsdimensie is later verder uitgewerkt.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.PPCT-model+
Het PPCT-model hoort bij de latere bio-ecologische uitwerking: Process, Person, Context en Time. Het verdiept de eerdere ecologische systeemindeling met proximale processen. Het is geen andere naam voor uitsluitend de omgevingslagen.
Lees de bron ↗Methodische toepassingen
Life Model+
Methodische uitwerking van een ecologisch perspectief in sociaal werk door Germain en Gitterman. De onderbouwde route betreft deze eigen sociaalwerktraditie; het model wordt hier niet als uitvinding of rechtstreekse afgeleide van Bronfenbrenner gepresenteerd.
Lees de bron ↗Technieken & hulpmiddelen
Ecogram+
Een overzicht van betekenisvolle contacten, steunbronnen en spanningen rond een persoon of gezin. Hartman beschrijft het diagrammeren van gezins- en omgevingsrelaties (1978). Didactisch raakvlak: het helpt context bespreekbaar maken; dit is geen bewijs dat het uit Bronfenbrenners theorie is ontwikkeld.
Open kennisartikel →Levenslijn / tijdlijn+
Gebeurtenissen en perioden op een lijn plaatsen en bespreken wat zij voor betrokkenen betekenen. De Vries en collega’s (2017) beschrijven een relatietijdlijn als onderzoeksmethode. Didactisch raakvlak met tijd en levensloop; geen aan Bronfenbrenner toegeschreven interventie of bewijs van behandelwerking.
Lees de bron ↗Vaardigheden
Onderbouwd analyseren+
Didactische vaardigheid: scheid waarneming, interpretatie en hypothese. Bespreek mogelijke samenhang met betrokkenen en zoek gegevens die een verklaring ook kunnen tegenspreken. De aanwezigheid van een netwerk of omstandigheid bewijst geen oorzaak.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Verandering door de tijd volgen+
Didactische vaardigheid: vergelijk situaties vóór en na belangrijke overgangen. Kijk welke relaties en omstandigheden veranderden zonder het tijdsverband meteen als oorzaak te behandelen.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Vakgebieden
Ontwikkelingspsychologie+
Oorspronkelijk onderzoeksgebied: ontwikkeling verklaren in samenhang met persoon, context en tijd.
Lees de bron ↗Sociaal werk+
Didactische toepassing: persoon en leefomgeving gezamenlijk onderzoeken. Dit bewijst geen afstamming van afzonderlijke methoden.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Onderwijs+
Didactische toepassing: onderzoeken hoe activiteiten en verbindingen tussen thuis en school samenhangen.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Jeugdzorg+
Didactische toepassing: ontwikkelingsvragen, relaties en continuïteit van ondersteuning in samenhang bekijken.
De uitleg staat hier; er is nog geen afzonderlijk artikel gekoppeld.Waarom is deze kennis verbonden?+
Ontwikkeld door, gebaseerd op, beïnvloed door en inhoudelijk verwant aan zijn verschillende betekenissen. Verwantschap bewijst geen historische invloed. Een verbinding via een tussenstap bewijst geen rechtstreekse relatie.
Bronfenbrenners theoretische ontwikkelingslijn; geen interventieketen.
Onderbouwing bekijken ↗Eigen sociaalwerktraditie van Gitterman en Germain; niet als afgeleide van Bronfenbrenner aangemerkt.
Onderbouwing bekijken ↗Vierde editie, appendix D: Force Field Analysis.
Onderbouwing bekijken ↗Didactische vertaling van culturele sensitiviteit en het toetsen van aannames; geen historische afstammingsclaim.
Onderbouwing bekijken ↗Contextuele benadering
Raakvlak: De persoon begrijpen in relaties.
Verschil: Ecologische analyse onderzoekt ontwikkeling in samenhang met leefomgevingen. De contextuele traditie legt het accent op relationele ethiek, geven en ontvangen, betrouwbaarheid en rechtvaardigheid.
Hoe hangen thuis, school, ondersteuning en dagelijkse belasting samen?
Hoe worden verantwoordelijkheid, wederkerigheid en erkenning ervaren?
Naam en afbakening
Ecologische systeemtheorie is een gangbare aanduiding voor Bronfenbrenners ecologische kijk op menselijke ontwikkeling. De formulering veranderde door de tijd. Een weergave van omgevingssystemen en het latere PPCT-model zijn daarom geen uitwisselbare versies van hetzelfde plaatje. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006), https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114; Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik (2009), https://doi.org/10.1111/j.1756-2589.2009.00026.x.
In één oogopslag
De leefwereld telt mee: relaties tussen gezin, school, werk en maatschappelijke omstandigheden kunnen ontwikkeling beïnvloeden. De persoon staat binnen die samenhang, niet erbuiten. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1986), https://doi.org/10.1037/0012-1649.22.6.723.
Centrale vraag
Hoe kunnen we ontwikkeling onderzoeken zonder de betekenisvolle omgeving uit de verklaring weg te laten? Die vraag vraagt om meer dan een momentopname in een geïsoleerde testsituatie. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1979), https://www.jstor.org/stable/j.ctv26071r6.
Kernstelling
De ecologische gedachte verbindt de ontwikkelende persoon met verweven contexten. Een gebeurtenis buiten het directe contact kan het dagelijks leven toch veranderen. Niet alleen afzonderlijke omgevingen, maar ook hun verbindingen verdienen onderzoek. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1977), https://doi.org/10.1037/0003-066X.32.7.513; Urie Bronfenbrenner (1986), https://doi.org/10.1037/0012-1649.22.6.723.
Vakgebieden
Voor lezers in onderwijs, jeugdzorg, sociaal werk en beleid die ontwikkelingsvragen in hun context willen onderzoeken. De voorbeelden op deze pagina zijn didactische toepassingen; zij bewijzen geen effectiviteit van een beroepsmethode.
Benadering en perspectief
Beschrijf niet alleen wat een kind doet. Onderzoek ook met wie, op welke plek en onder welke omstandigheden dat gebeurt. Vergelijk situaties voordat je gedrag tot een vaste eigenschap maakt.
Ontwikkelaars
Bronfenbrenner werkte het ecologische raamwerk uit. Met Stephen J. Ceci formuleerde hij in 1994 een bio-ecologisch model van de verhouding tussen erfelijke mogelijkheden en omgeving. Pamela A. Morris was mede-auteur van de latere uitwerking waarin Process, Person, Context en Time samen worden behandeld. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006), https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114; Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994), https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7984707/.
Kennisgenealogie
In Lewinian Space and Ecological Substance (1977) bespreekt Bronfenbrenner Lewins psychologische veld en werkt hij de betekenis van de omgeving verder uit. Dit is een aantoonbare intellectuele verbinding. Het maakt de ecologische systeemtheorie nog niet identiek aan Lewins veldtheorie. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1977), https://doi.org/10.1111/j.1540-4560.1977.tb02533.x.
Ontstaanscontext
Bronfenbrenner bekritiseerde ontwikkelingsonderzoek dat het kind te veel uit vertrouwde relaties en omstandigheden losmaakte. Zijn boek uit 1979 pleit voor onderzoek dat het leven in betekenisvolle situaties en over langere perioden serieus neemt. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1979), https://www.jstor.org/stable/j.ctv26071r6.
Kernbegrippen
Microsysteem: directe leefomgevingen waarin iemand zelf deelneemt. Mesosysteem: de relaties tussen die leefomgevingen. Exosysteem: contexten waarin iemand niet zelf deelneemt, maar die het dagelijks leven wel beïnvloeden. Macrosysteem: culturele en maatschappelijke patronen. Tijd en levensloop lopen door het geheel heen; het chronosysteem is geen extra plek waar iemand woont. De tijdsdimensie is in latere formuleringen verder uitgewerkt. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1977), https://doi.org/10.1037/0003-066X.32.7.513; Urie Bronfenbrenner (1986), https://doi.org/10.1037/0012-1649.22.6.723; Urie Bronfenbrenner (1977), https://doi.org/10.1111/j.1540-4560.1977.tb02533.x.
Opbouw van de theorie
Een systeemindeling is pas behulpzaam als je de verbindingen onderzoekt. Een veranderend werkrooster kan thuis gevolgen hebben; afspraken tussen gezin en school kunnen elkaar versterken of tegenwerken. Deze voorbeelden zijn mogelijke onderzoeksvragen, geen vastgestelde oorzaken in een individuele situatie.
Mechanisme en verklaring
In de latere bio-ecologische formulering staan proximale processen centraal: terugkerende, steeds complexere wisselwerkingen met mensen, voorwerpen en symbolen. Hun ontwikkelingsbetekenis hangt samen met kenmerken van de persoon, de context en de tijd. Een omgevingsinventarisatie alleen beschrijft die processen nog niet. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006), https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114.
Modellen
Het schema ordent contexten. Het is geen meetinstrument, diagnose of bewijs dat een factor in een specifieke casus doorslaggevend is. De latere PPCT-uitwerking stelt aanvullende vragen over processen, de persoon en verandering door de tijd. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006), https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114; Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik (2009), https://doi.org/10.1111/j.1756-2589.2009.00026.x.
Ontwikkeling door de tijd
- 1977–1979
Ecologische uitwerking
Ontwikkeling in betekenisvolle contexten en verbindingen tussen leefomgevingen.
Bron → - 1986
Gezin en levensloop
Gezinsprocessen, externe contexten en overgangen.
Bron → - 1994
Bio-ecologische herformulering
Bronfenbrenner en Ceci verbinden ontwikkelingsprocessen met genetische mogelijkheden.
Bron → - 2006
Uitwerking van PPCT
Bronfenbrenner en Morris behandelen processen, persoon, context en tijd in samenhang.
Bron →
De publicaties uit 1977 en 1979 markeren de ecologische uitwerking. In 1986 bespreekt Bronfenbrenner gezinsprocessen, externe contexten en overgangen in de levensloop. De publicatie met Ceci uit 1994 verbindt ontwikkelingsprocessen met genetische mogelijkheden. Het hoofdstuk met Morris uit 2006 werkt de onderlinge samenhang van PPCT uit. Bronnen: Urie Bronfenbrenner (1977), https://doi.org/10.1037/0003-066X.32.7.513; Urie Bronfenbrenner (1979), https://www.jstor.org/stable/j.ctv26071r6; Urie Bronfenbrenner (1986), https://doi.org/10.1037/0012-1649.22.6.723; Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006), https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114; Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994), https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7984707/.
Professionele bruikbaarheid
Het kader helpt om een te snelle individuele verklaring open te breken. Gebruik het om concrete vragen te stellen: waar gaat het anders, wie merkt dat, welke overgang speelde mee en wat moet nog onderzocht worden? Daarna zijn aanvullende vakkennis en afweging nodig om verantwoord te handelen.
Grenzen van de verklaring
Een brede contextanalyse kiest niet vanzelf de juiste interventie. Zij vervangt geen diagnostiek, veiligheidsafweging of onderzoek naar een concrete aanpak. Ook mag contextgericht denken de ervaringen, mogelijkheden en stem van de persoon niet laten verdwijnen.
Doorwerking naar de praktijk
Bronfenbrenners theoretische ontwikkelingslijn; geen interventieketen.
Onderbouwing bekijken ↗Eigen sociaalwerktraditie van Gitterman en Germain; niet als afgeleide van Bronfenbrenner aangemerkt.
Onderbouwing bekijken ↗Het ecologische perspectief is breder dan Bronfenbrenners theorie. Gitterman en Germain beschreven in 1976 het Life Model voor sociaal werk: persoon en leefomgeving krijgen gelijktijdig professionele aandacht. Daarom wordt hier geen afstammingslijn getekend vanuit Bronfenbrenners boek uit 1979. De latere Life Model-editie bevat concrete hulpmiddelen en professionele vereisten. Bronnen: https://doi.org/10.1086/643430; https://cup.columbia.edu/book/the-life-model-of-social-work-practice/9780231187480/
Verbinding met technieken
Vierde editie, appendix D: Force Field Analysis.
Onderbouwing bekijken ↗Didactische vertaling van culturele sensitiviteit en het toetsen van aannames; geen historische afstammingsclaim.
Onderbouwing bekijken ↗Appendix D van de vierde editie van het Life Model bevat Force Field Analysis. Die vermelding onderbouwt gebruik van krachtenveldanalyse binnen deze methodiek; zij bewijst niet dat Bronfenbrenner de techniek ontwikkelde. De uitwerking behandelt ook culturele sensitiviteit en evidence-guided practice. Voor de professional betekent dat: eigen aannames onderzoeken, betekenis voor de cliënt navragen en observaties zorgvuldig toetsen. Bron: https://cup.columbia.edu/book/the-life-model-of-social-work-practice/9780231187480/
Onderzoek en wetenschappelijke status
Bronfenbrenner en Ceci presenteren in 1994 een toetsbaar model waarin de werking van ontwikkelingsprocessen van belang is voor het tot uitdrukking komen van genetische mogelijkheden. Dat is een theoretisch voorstel met hypothesen; het is geen algemeen bewijs dat iedere ecologische interventie werkt. Bij onderzoek moet duidelijk zijn welke formulering en welke samenhang worden getoetst. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994), https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7984707/.
Kritiek en debat
Tudge en collega’s onderzochten in 2009 vijfentwintig artikelen die zich op Bronfenbrenner beriepen. Slechts vier gebruikten volgens hun beoordeling een actuele versie van de theorie. Hun kritiek richt zich op gebrekkige toepassing en toetsing. Dat betekent niet dat de theorie als geheel is weerlegd. Bronnen: Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik (2009), https://doi.org/10.1111/j.1756-2589.2009.00026.x.
Vergelijkbare en concurrerende theorieën
Contextuele benadering
Raakvlak: De persoon begrijpen in relaties.
Verschil: Ecologische analyse onderzoekt ontwikkeling in samenhang met leefomgevingen. De contextuele traditie legt het accent op relationele ethiek, geven en ontvangen, betrouwbaarheid en rechtvaardigheid.
Hoe hangen thuis, school, ondersteuning en dagelijkse belasting samen?
Hoe worden verantwoordelijkheid, wederkerigheid en erkenning ervaren?
De contextuele benadering van Boszormenyi-Nagy en Krasner richt zich op relationele ethiek, betrouwbaarheid en rechtvaardigheid. Zij deelt relationele aandacht met een ecologische blik, maar is geen doorontwikkeling van Bronfenbrenner. Illustratie: bij een jongere die veel verantwoordelijkheid voor een ouder draagt, onderzoekt de ecologische blik de samenhang van thuis, school en ondersteuning. De contextuele blik vraagt hoe verantwoordelijkheid, wederkerigheid en erkenning worden ervaren. Bron: https://www.routledge.com/Between-Give-And-Take-A-Clinical-Guide-To-Contextual-Therapy/Boszormenyi-Nagy/p/book/9780876304181
Verschillen tussen verklaringen
De vroege ecologische uitwerking maakt leefomgevingen en hun verbindingen zichtbaar. De latere bio-ecologische theorie werkt vooral uit welke terugkerende interacties ontwikkeling dragen, voor welke persoon, in welke context en over welke tijd. Ook de vroege theorie kende een actieve persoon; dit is een verschuiving van nadruk, geen tegenstelling tussen passief en actief. Praktijkillustratie: een veranderd werkrooster van een ouder kan de afstemming tussen thuis en school bemoeilijken. Een bio-ecologische analyse onderzoekt daarnaast hoe hierdoor dagelijkse gezamenlijke activiteiten veranderen, wat het kind zelf inbrengt en hoe de wisselwerking zich over weken ontwikkelt. Beide analyses kunnen elkaar aanvullen. Bron: https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114
Onderbelicht maar essentieel
Bio-ecologisch betekent niet dat de omgeving alles bepaalt. Het model met Ceci onderzoekt juist de wisselwerking tussen ontwikkelingsprocessen, omgevingscondities en genetische mogelijkheden. Het maakt onderscheid tussen potentieel en wat daarvan daadwerkelijk tot uitdrukking komt. Bronnen: Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994), https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7984707/.
Niet verwarren met
Contextgericht werken, ecologische assessment, genogrammen, ecogrammen en netwerkgesprekken kunnen interessante vervolgroutes zijn. Een gedeeld thema onderbouwt echter nog niet dat zij door Bronfenbrenner zijn ontwikkeld of aantoonbaar uit deze theorie zijn afgeleid. De contextuele benadering van Boszormenyi-Nagy heeft een eigen genealogie en een relationeel-ethisch zwaartepunt. Bronnen: Ivan Boszormenyi-Nagy & Barbara R. Krasner (1986), https://www.routledge.com/Between-Give-And-Take-A-Clinical-Guide-To-Contextual-Therapy/Boszormenyi-Nagy/p/book/9780876304181.
Primaire publicaties
Toward an experimental ecology of human development
Urie Bronfenbrenner · 1977
Oorspronkelijke ecologische formulering
Over deze publicatie
Waarom lezen? Voor de systeembegrippen en het onderzoeksprogramma.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
The Ecology of Human Development
Urie Bronfenbrenner · 1979
Uitgebreide ecologische uitwerking
Over deze publicatie
Waarom lezen? Voor de oorspronkelijke argumentatie over ontwikkeling in betekenisvolle contexten.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
Het artikel uit 1977 is een compacte ingang. Het boek uit 1979 biedt de uitgebreidere ecologische uitwerking. Kies een publicatie op basis van de vraag die je wilt beantwoorden, niet alleen op bekendheid.
Belangrijke latere publicaties
Ecology of the family as a context for human development
Urie Bronfenbrenner · 1986
Familie, externe omgeving en levensloop
Over deze publicatie
Waarom lezen? Voor onderzoeksvragen over gezin en andere leefomgevingen.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
Nature-nurture reconceptualized in developmental perspective
Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci · 1994
Bio-ecologische herformulering
Over deze publicatie
Waarom lezen? Voor de hypothesen over ontwikkeling, omgeving en genetische mogelijkheden.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
The Bioecological Model of Human Development
Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris · 2006
Uitwerking van PPCT
Over deze publicatie
Waarom lezen? Voor processen, persoonskenmerken, context en tijd in hun onderlinge samenhang.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
Uses and Misuses of Bronfenbrenner’s Bioecological Theory of Human Development
Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik · 2009
Kritische analyse van theoriegebruik
Over deze publicatie
Waarom lezen? Om toepassing van de theorie te onderscheiden van alleen verwijzen naar de naam.
Goed om te weten Toegang via uitgever of bibliotheek; beschikbaarheid van volledige tekst verschilt.
Gebruik 1986 voor familie en externe contexten, 1994 voor de bio-ecologische herformulering met Ceci en 2006 voor PPCT met Morris. Lees de kritiek van Tudge en collega’s erbij om historische versies niet ongemerkt te vermengen.
Bronnen
Urie Bronfenbrenner (1977). Toward an experimental ecology of human development. American Psychologist, 32(7), 513–531; systeemdefinities pp. 514–515. https://doi.org/10.1037/0003-066X.32.7.513
Urie Bronfenbrenner (1979). The Ecology of Human Development. Experiments by Nature and Design. Harvard University Press. https://www.jstor.org/stable/j.ctv26071r6
Urie Bronfenbrenner (1986). Ecology of the family as a context for human development. Developmental Psychology, 22(6), 723–742. https://doi.org/10.1037/0012-1649.22.6.723
Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994). Nature-nurture reconceptualized in developmental perspective. Psychological Review, 101(4), 568–586. DOI 10.1037/0033-295X.101.4.568. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/7984707/
Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006). The Bioecological Model of Human Development. Handbook of Child Psychology, pp. 793–828; kernproposities en PPCT pp. 795–798. https://doi.org/10.1002/9780470147658.chpsy0114
Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik (2009). Uses and Misuses of Bronfenbrenner’s Bioecological Theory of Human Development. Journal of Family Theory & Review, 1, 198–210. https://doi.org/10.1111/j.1756-2589.2009.00026.x
Urie Bronfenbrenner (1977). Lewinian Space and Ecological Substance. Journal of Social Issues, 33(4), 199–212. https://doi.org/10.1111/j.1540-4560.1977.tb02533.x
Alex Gitterman & Carel B. Germain (1976). Social Work Practice: A Life Model. Social Service Review, 50(4), 601–610. https://doi.org/10.1086/643430
Alex Gitterman, Carolyn Knight & Carel B. Germain (2021). The Life Model of Social Work Practice, fourth edition. Columbia University Press, vierde editie; appendix D. https://cup.columbia.edu/book/the-life-model-of-social-work-practice/9780231187480/
Ivan Boszormenyi-Nagy & Barbara R. Krasner (1986). Between Give and Take: A Clinical Guide to Contextual Therapy. Brunner/Mazel. https://www.routledge.com/Between-Give-And-Take-A-Clinical-Guide-To-Contextual-Therapy/Boszormenyi-Nagy/p/book/9780876304181
Aanvullende bronnen bij hulpmiddelen: Ann Hartman (1978), Diagrammatic Assessment of Family Relationships, Social Casework 59(8), 465–476, https://doi.org/10.1177/104438947805900803. Brian de Vries e.a. (2017), The relationship timeline: A method for the study of shared lived experiences in relational contexts, Advances in Life Course Research 32, 55–64, https://doi.org/10.1016/j.alcr.2016.07.002. De koppeling met context en tijd op deze pagina is een didactische vergelijking, geen aangetoonde historische afstamming.
- Toward an experimental ecology of human development →
Urie Bronfenbrenner (1977). Oorspronkelijke ecologische formulering
- The Ecology of Human Development →
Urie Bronfenbrenner (1979). Uitgebreide ecologische uitwerking
- Ecology of the family as a context for human development →
Urie Bronfenbrenner (1986). Familie, externe omgeving en levensloop
- Nature-nurture reconceptualized in developmental perspective →
Urie Bronfenbrenner & Stephen J. Ceci (1994). Bio-ecologische herformulering
- The Bioecological Model of Human Development →
Urie Bronfenbrenner & Pamela A. Morris (2006). Uitwerking van PPCT
- Uses and Misuses of Bronfenbrenner’s Bioecological Theory of Human Development →
Jonathan R. H. Tudge, Irina Mokrova, Bridget E. Hatfield & Rachana B. Karnik (2009). Kritische analyse van theoriegebruik
- Lewinian Space and Ecological Substance →
Urie Bronfenbrenner (1977). Intellectuele verbinding met Lewin
- Social Work Practice: A Life Model →
Alex Gitterman & Carel B. Germain (1976). Ecologische sociaalwerkroute
- The Life Model of Social Work Practice, fourth edition →
Alex Gitterman, Carolyn Knight & Carel B. Germain (2021). Methodische uitwerking en hulpmiddelen
- Between Give and Take: A Clinical Guide to Contextual Therapy →
Ivan Boszormenyi-Nagy & Barbara R. Krasner (1986). Contextuele traditie en relationele ethiek
- Hartman (1978) — diagrammen van gezins- en omgevingsrelaties →
- De Vries e.a. (2017) — relatietijdlijn →
